Stress incontinentie

Urine incontinentie komt in Nederland voor bij 30% tot 40% van de thuiswonende vrouwen van boven de 45 jaar. Hiervan heeft 6% tot 10% dagelijks urineverlies. Slechts 30% van de vrouwen zoekt professionele hulp. Afgezien van de taboesfeer rondom incontinentie kunnen hier verschillende redenen voor zijn:

  • Vrouwen vinden het niet ernstig genoeg
  • Vrouwen denken dat het een normaal verschijnsel is wat hoort bij het krijgen van kinderen of bij het ouder worden
  • Vrouwen denken dat er weinig aan te doen is
  • Vrouwen zijn bang voor onderzoek en behandeling

Er zijn twee vormen van incontinentie: Stressincontinentie en aandrangincontinentie

Bij stressincontinentie kan urineverlies optreden bij zaken als lachen, niezen en hoesten maar ook bij dingen optillen, traplopen, seks of sporten. Aandrangincontinentie wordt veroorzaakt door een sterke aandrang. De aandrangprikkel is hevig en de druk op de blaas is te hoog. Vaak wordt er urine verloren voordat het toilet bereikt is.

Het eerste contact bij incontinentie is meestal de huisarts. Helaas zijn er veel huisartsen die meteen incontinentiemateriaal voorschrijven. Dat is natuurlijk geen behandeling maar symptoombestrijding.

Een goede behandeling wordt gegeven door de gespecialiseerde fysiotherapeut. Op dit moment verwijzen huisartsen relatief weinig naar deze fysiotherapeut. Omdat de behandelingen voor stressincontinentie en aandrangincontinentie verschillen is het belangrijk dat de huisarts eerst onderzoekt welke vorm van incontinentie een vrouw heeft. Daarna kan de huisarts je doorverwijzen naar een gespecialiseerde fysiotherapeut voor bekkenbodem therapie (stressincontinentie).

Uit onderzoek blijkt dat de beste behandeling voor stressincontinentie fysiotherapie is

Slechts 2% van de huisartsen verwijzen deze patient echter door naar een fysiotherapeut. Wanneer fysiotherapie niet het gewenste effect geeft, bijvoorbeeld als de klachten te ernstig zijn, kan de patient doorverwezen worden naar een gynaecoloog of uroloog. Voor stressincontinentie kan er dan eventueel een operatie uitgevoerd worden, aandrangincontinentie kan verbeteren met medicijnen.

Om te zorgen dat u een goede keuze kunt maken kunt u bij de huisarts onderstaande vragen gebruiken:

  • Welke vorm van incontinentie heb ik? (stress- of aandrangincontinentie)
  • Wat is volgens u de eerste methode van behandeling?
  • Wat moet er gebeuren als de eerste behandeling niet helpt?

Gespecialiseerde therapeuten binnen de praktijk zijn: